Walther Rathenau (Berlijn, 29 september 1867 – aldaar, 24 juni 1922) was een Duits industrieel, politicus en schrijver. In 1922 was hij korte tijd minister van Buitenlandse Zaken, voor hij vermoord werd door aanhangers van extreemrechts.
Inhoud |
bewerk Industriële loopbaan
Rathenau werd geboren als zoon van Emil Rathenau, een prominente Joodse zakenman en stichter van de Allgemeine Elektricitäts-Gesellschaft (AEG), fabrikant van elektrische en elektronische onderdelen en apparaten. Hij studeerde natuurkunde, scheikunde en filosofie in Berlijn en Straatsburg en werkte een tijdje als ingenieur vooraleer hij zich bij het bestuur van AEG vervoegde in 1899. Zo werd hij een belangrijk industrieel in het late Duitse Keizerrijk en de vroege Weimarrepubliek. Men vermoedt dat Rathenau de inspiratie vormde voor de figuur van de Duitse industrieel Paul Arnheim in de roman De man zonder eigenschappen van Robert Musil.
bewerk Politieke carrière
Rathenau was een belangrijk voorstander van een politiek van assimilatie voor Duitse Joden: hij stelde dat Joden zowel het zionisme als het socialisme moesten afwijzen, en zich integendeel moesten integreren in de Duitse samenleving. Dit zou, volgens hem, uiteindelijk leiden tot het verdwijnen van het antisemitisme.
Zijn rijke Joodse erfenis en zijn politieke engagement en beslissingen wekten weerzin op bij extreemrechts, wat uiteindelijk zou leiden tot zijn dood in 1922.
Tijdens de Eerste Wereldoorlog bekleedde Rathenau hoge posities op de afdeling voor grondstoffen van het ministerie van Oorlog. Daarnaast werd hij hoofd van AEG na zijn vaders overlijden in 1915. Hij wist de economie van Duitsland naar een oorlogsmodel om te vormen en stelde het land op die manier in staat om de oorlog gedurende vier jaren te blijven voeren, ondanks acute gebreken aan werkkrachten en grondstoffen.
Na de oorlog werd Rathenau, politiek gezien een gematigd liberaal, een van de oprichters van de Deutsche Demokratische Partei (DDP). Hij verwierp het socialistische gedachtegoed dat Duitsland overspoelde na de schok van de nederlaag en de daaropvolgende Novemberrevolutie. Daarbij toonde hij zich een tegenstander van nationalisering van de industrie en pleitte hij voor meer arbeidersparticipatie in het bedrijfsmanagement. Zijn ideeën waren invloedrijk bij naoorlogse regeringen.
In 1921 werd Rathenau benoemd tot minister van Wederopbouw en op 1 februari 1922 werd hij minister van Buitenlandse Zaken. Zijn vastberadenheid om Duitsland de verplichtingen van het Verdrag van Versailles te doen nakomen, terwijl hij tegelijkertijd aan een herziening van de bepalingen werkte, zette kwaad bloed bij Duitse nationalisten. Hij joeg hen ook tegen zich in het harnas door de onderhandeling van het Verdrag van Rapallo met de jonge Sovjet-Unie, waardoor Duitsland als eerste deze nieuwe staat de jure erkende. De leiders van de (dan nog obscure) nazipartij en andere rechtse elementen beweerden dat hij deel uitmaakte van een "joods-communistische samenzwering."
bewerk Moord
Op 24 juni 1922 werd Walther Rathenau vermoord door extreemrechtse officieren die banden hadden met de Organisation Consul, één van de talrijke Freikörper die actief waren in Duitsland. Die ochtend, tijdens zijn dagelijkse rit van bij hem thuis naar de Wilhelmstraße, werd zijn auto - een cabriolet van het merk NAG - ingehaald door een andere wagen waarin drie gewapende jonge mannen zaten. Eén van hen beschoot de minister met een MP18 machinepistool, een andere gooide nog een handgranaat in de wagen. Daarna reden ze snel weg. De chauffeur van Rathenau maakte rechtsomkeert, maar de minister overleed aan zijn verwondingen nog voor ze zijn huis opnieuw bereikten. Een gedenksteen in de Koenigsallee in Berlin-Grunewald herdenkt de moord. Eén van de medeplichtigen was de toekomstige auteur Ernst von Salomon. Hij regelde de auto maar was zelf niet aanwezig. Hij kreeg vijf jaar gevangenisstraf.
De moord op Walther Rathenau heeft de politieke en economische langetermijnontwikkeling van Europa mogelijk aanzienlijk beïnvloed. Het was in elk geval een vroeg teken van de instabiliteit en het geweld die uiteindelijk de Weimarrepubliek zouden vernietigen. Bij zijn begrafenis op 27 juni trokken honderdduizenden arbeiders door verschillende Duitse steden. De Britse journalist en schrijver Morgan Philips Price schreef:
- "In juni 1922 werd Walther Rathenau, een groot joods industrieel en progressief economist, vermoord door gangsters van extreemrechts die de kern vormden van het Vrijkorps. Ik was aanwezig op de herdenkingsdienst in de Reichstag en merkte onder de arbeiders van Berlijn een buitengewone opstoot van enthousiasme voor de republiek en voor president Ebert, zoals uitgedrukt door hun vakbondsleiders en socialistische partijen. De rangen van de sociaaldemocraten waren nu grondig dooreengeschud... Eerst werden communisten vermoord, dan socialisten, en nu een groot industrieel omwille van hun liberale ideeën en, in dit geval, ook voor zijn joodse identiteit. De situatie in Duitsland werd hoe langer hoe grimmiger...".
Een goede vriend van Rathenau, Harry Graf Kessler, schreef een biografie over hem.
bewerk Werken
- 1908 Reflektionen
- 1912 Zur Kritik der Zeit
- 1913 Zur Mechanik des Geistes
- 1917 Von kommenden Dingen
- 1918 An Deutschlands Jugend
- 1919 Die neue Gesellschaft
- 1919 Der neue Staat
- 1919 Der Kaiser
- 1919 Kritik der dreifachen Revolution
- 1920 Was wird werden (een utopische roman)
- Gesammelte Schriften in 6 delen
- 1924 Gesammelte Reden
- 1926 Briefe, 2 delen
- 1927 Neue Briefe
- 1929 Politische Briefe
bewerk Externe link
